Lijmtermen en begrippen
De begrippen die de keuze voor een lijm bepalen, in de betekenis waarin ze op verpakkingen en technische bladen gebruikt worden.
- Afschuifsterkte
- De kracht per vierkante millimeter waarbij twee overlappende delen langs elkaar losschuiven. Dit is de waarde die meestal op de verpakking staat, uitgedrukt in N/mm2.
- Anionische polymerisatie
- Het uithardingsmechanisme van cyanoacrylaat. Hydroxide-ionen uit de vochtfilm op het oppervlak starten de kettingreactie.
- Bevochtiging
- De mate waarin een vloeistof zich over een oppervlak uitspreidt. Zonder bevochtiging is hechting onmogelijk, hoe sterk de uitgeharde lijm ook is.
- Eindsterkte
- De sterkte die een verbinding bereikt na volledige uitharding. Bij de meeste tweecomponentenlijmen ligt dat op vierentwintig uur.
- Exotherm
- Warmteafgifte tijdens de uitharding. Bij een grotere hoeveelheid gemengde epoxy versnelt dat de reactie en verkort het de verwerkingstijd.
- Fixatietijd
- Het moment waarop een verbinding zichzelf houdt en de klem eraf kan. Dit is niet hetzelfde als het moment waarop belast mag worden.
- Glasovergangstemperatuur
- De temperatuur waarboven een uitgeharde lijm beweeglijk wordt en snel sterkte verliest. Bepalend voor de bruikbare werktemperatuur.
- Kliefsterkte
- De weerstand tegen een wig die de verbinding aan een zijde openbreekt. Lager dan de afschuifsterkte.
- Open tijd
- De tijd tussen het aanbrengen en het samenvoegen waarbinnen de lijm nog werkt. Wordt vaak verward met de verwerkingstijd van het mengsel.
- Oppervlakte-energie
- De maat voor hoe goed een materiaal bevochtigd kan worden, uitgedrukt in mN/m. Polyetheen en polypropeen scoren laag, glas en metaal hoog.
- Pelsterkte
- De weerstand tegen het aan een rand oplichten van een gelijmd deel. Dit is de zwakste belastingsrichting van vrijwel elke lijmverbinding.
- Primer
- Een voorbehandelmiddel dat het oppervlak reactief maakt zodat een lijm er wel op hecht. Gebruikelijk bij polyolefinen.
- Spleetvulling
- De maximale opening tussen twee delen die een lijm nog kan overbruggen zonder sterkteverlies.
- Thixotroop
- Een lijm die dikker blijft in rust en dunner wordt onder beweging. Blijft daardoor staan op verticale vlakken.
- Treksterkte
- De kracht loodrecht op het lijmvlak waarbij de verbinding bezwijkt.
- Uithardingstijd
- De tijd tot de chemische reactie voltooid is. Belasten voor dat moment verlaagt de uiteindelijke sterkte permanent.
- Viscositeit
- De dikvloeibaarheid van een lijm, uitgedrukt in mPa.s. Bepaalt of een lijm in een nauwe naad kruipt of op zijn plaats blijft.